Homepage » Tuin365 » Natuur » Maand van de . . .

Maand van de . . .

Een nieuwe wekelijkse rubriek, met elke maand een natuurthema. Thema's zijn onder andere winterbloeiers, bollen of kruiden.

Iedere week behandel ik twee of drie planten of andere zaken uit de natuur. Ontdek het allemaal op deze pagina. Veel plezier, Marco.

Latijnse naam: Ranunculus acris

Een echte weideplant is de scherpe boterbloem. Scherp, dankt die aan de scherpe smaak van de gele of boterkleurige bloemen. Maar let op: giftig. De boterbloem bloeit van april tot oktober. De kroon van de drachtplant telt vijf kelkbladen. Bijen en hommels zijn dol op de plant.

Latijnse naam: Tulipa sylvestris

De gele bostulp is een wilde overblijvende stinsenplant. De bostulp heeft een opvallende stervormige gele bloem aan een lange kale steel. Verspreiding gaat door bolletjes die aan lange uitlopers zitten. De bosbewoner staat op de Rode Lijst en is kwetsbaar.

Vanaf 29 februari

Latijnse naam: Ficaria verna subsp. buliberfer

Speenkruid is één van de eerste gele planten die in bloei komen na de winter. De naam speenkruid heeft te maken met de speenvormige knolletjes.

In het voorjaar is het een groot tapijt van gele bloemen, die zich laten zien wanneer de zon schijnt. Verspreiding van de voorjaarsbloeier gaat door de knollen of via zaad. Het is een echte stinsenplant.

Latijnse naam: Brassica rapa subsp. oleifera

Vanaf eind maart zie je vooral in bermen en akkers de gele voorjaarsplant. De verwilderde akkerplant kan 1 meter hoog worden. Niet te verwarren met koolzaad, die later bloeit. Uit de zaden kan raapolie worden gewonnen. Raapzaad is een waardevolle plant voor solitaire en sociale bijen en wespen.

Latijnse naam: Eránthis hyemális

De winterakoniet is een vroege bloeier met opvallende gele bloemen, die bloeit tot maart. Elke stengel van de ranonkelachtige krijgt één bloem. Deze schaduwplant behoort tot de stinsenflora, je ziet de plant daarom nog veel op oude landgoederen. De bloembollen zijn te koop.

Latijnse naam: Cáltha palústris

Langs beken en stroompjes, in vochtige graslanden en natte plekken in het bos zie je in het voorjaar de gewone dotterbloem. De bloemen hebben iets weg van de boterbloem. De bladeren zijn niervormig, maar wel giftig. De ranonkelachtige plant kan 50 cm hoog worden. Hij bloeit in het voor- als in het najaar. Het is een mooie moeras- of oeverplant.

Latijnse naam: Tussilago farfara

Deze vaste plant is één van de eerste bloeiers in het voorjaar. Echt een teken dat het voorjaar voor de deur staat. Hij bloeit vanaf februari of maart. De bloem van het klein hoefblad lijkt wat op de paardenbloem, echter de bladeren verschijnen pas na de bloei in april. De pioniersplant heeft kruipende wortelstokken met lange ondergrondse uitlopers, die wel een meter lang kunnen worden.

Latijnse naam: Taraxacum officinale

De paardenbloem is toch wel het bekendste onkruid of overblijvende composietenplant. Het kruid met de prachtige gele bloem bloeit in april en soms een tweede keer in het najaar. Wist je dat de bladeren eetbaar zijn. Konijnen zijn er ook dol op.

Latijnse naam: Helleborus niger

De kerstroos of heksenkruid heeft prachtige rozewitte bloemen en bloeit vanaf Kerstmis tot half april. De plant is giftig.

De Helleborus snoeien van lelijke bladeren tot aan de grond kan eind januari en begin februari. Eind april zijn de bloemen uitgebloeid en kunnen deze worden afgeknipt. Planten van nieuwe kerstrozen kan vanaf maart tot aan het einde van de herfst. Voeg flink wat compost of bladaarde aan de grond toe.

Latijnse naam: Viburnum tinus

De sneeuwbal bloeit van november tot april. De bloemen zijn roze tot wit.

De sneeuwbal is familie van de kamperfoelie en kan het hele jaar  worden geplant, behalve bij vorst. De heester bloeit nog tot april. Geef in de zomer, wanneer het erg droog is veel water. Wist je dat de sneeuwbal heerlijk geurt. Na de bloei kan je de plant het best snoeien. Later betekent dat je de knoppen wegsnoeit. Een erg mooie winterbloeier.

Latijnse naam: Cornus mas

De boom is winterhard en bloeit van januari tot maart met mooie gele bloemen. Na de bloei krijgt de kornoelje kersrode eetbare vruchten. Vogels zijn er ook dol op.

De Cornus mas staat op de Rode Lijst. De boom of heester kan zo'n 5 tot 6 meter hoog worden. Opvallend is dat de bloemen op het kale hout bloeien in de winter.

Latijnse naam: Erica carnea

De roze winterheide of dopheide bloeit mooi van november tot mei. Het is een groenblijvende dikke bossige sierheester, die ongeveer 25 cm hoog wordt. De grond is kalkvrij en heeft een hoge zuurgraad. Erica staat graag in de zon.

Alle uitgebloeide takken terugknippen. Hierdoor blijft de plant compact en verhout niet te sterk aan de onderzijde. 

Latijnse naam: Skimmia japonica

Skimmia is winterhard en groenblijvend. De heester bloeit tot mei en ruikt heerlijk. Skimmia doet het goed in de (half)schaduw, maar niet in e volle zon. De grond is lichtzuur en niet kalkhoudend. De beste planttijd is september. Snoeien kan in mei of juni, na de bloei.

Latijnse naam: jasminum nudiflorum

De winterjasmijn is een echte klimplant, maar dan wel met ondersteuning van bijvoorbeeld een pergola of raamwerk. De jasmijn bloeit prachtig van december tot mei. De grond is kalkarm en de heester doet het goed in de schaduw of in de zon. Snoeien kan direct na de bloeitijd. Maar let op, de jasmijn bloeit op het hout van het voorgaande jaar, zoals de vlinderstruik.

Latijnse naam: Hamamelis × intermedia

De toverhazelaar is een bladverliezende heester met mooie gele of rode of roodbruine bloemen. De soort bloeit in januari tot maart. De standplaats is een zonnige of licht schaduwrijke plek in een lemige of lichtzure grond. De toverhazelaar kan zich vermeerderen door afleggen d.w.z. een tak op de grond kan gaan wortelen. Snoeien is niet echt nodig, maar het kan ook weer na de bloei.

Latijnse naam:  Forsythia × intermedia

Forsythia bloeit van februari tot eind april en is een echte voorbode van de lente. Snoeien van de plant is direct na de bloei en dit stimuleert de aanmaak van nieuwe scheuten die het volgende jaar gaan bloeien. Forsythia houdt van een plek in de volle zon of  lichte schaduw. De grond is voedselrijk en vochtig. Een mooie winterbloeier.

Latijnse naam: Vinca minor

De kleine maagdenpalm is een groenblijvende bodembedekker die bloeit tot mei en blijft erg laag tot 30 cm hoog. Vinca minor is een echte stinsenplant, een schaduwplant, die je ook in de bossen aantreft. Snoeien kan in maart en april.